Vorstelijke voetwassing

Op Witte Donderdag 1468, 14 april in dat jaar, waste Karel de Stoute (r. 1467-1477) samen met zijn kapelaan, aalmoezenier en biechtvader de voeten en de handen van dertien arme lieden (treze povres personnes). De plaats waar hij deze daad verrichtte wordt niet nader genoemd maar vermoedelijk verbleef de vorst tijdens de Goede Week in Brugge. Karel en zijn geestelijke hovelingen hadden zich wel witte schorten laten aanmeten zodat hun peperdure kledij nog enigszins beschermd werd tegen het vuil en het druipende water. Na afloop van het ritueel kreeg iedere arme sloeber bovendien nog 13 schellingen toegestopt, een bedrag waarvoor een meester ambachtsman toch al snel twee tot drie dagen moest werken.

De Bourgondische hertog was geïnspireerd door de Goede Week sowieso vrijgevig want her en der, in Rijsel, Nijvel en Brussel deelde hij geldelijke geschenken uit aan de verworpenen der aarde. Een povre femme die zich ophield bij het kartuizerklooster van Scheut, in de nabijheid van Brussel, kreeg maar liefst acht pond toegestopt van Karel. Maar voor de Maria-devotie die aan de oorsprong lag van dit klooster had Karel dan ook een speciale belangstelling.

Voetwassing, door Meister des hausbuches, Gemäldegalerie, Berlijn
Voetwassing, door Meister des hausbuches, Gemäldegalerie, Berlijn

De voetwassing op Witte Donderdag was een gebruik dat Karel en zijn vader Filips de Goede (r. 1419-1467) hadden overgenomen van het Franse koningshuis, waaraan zij immers verwant waren. De vorsten baseerden hun gebruik op een Bijbelpassage uit het evangelie van Johannes, 13: 1-15:

Jezus […] stond tijdens de maaltijd op. Hij legde zijn bovenkleed af, sloeg een linnen doek om en goot water in een waskom. Hij begon de voeten van zijn leerlingen te wassen en droogde ze af met de doek die hij omgeslagen had.

Koning Lodewijk IX (Saint Louis, r. 1226-1270) wast de voeten van armen
Koning Lodewijk IX van Frankrijk (Saint Louis, r. 1226-1270) wast de voeten van armen

Het is misschien niet te geloven maar middeleeuwse vorsten namen dit gebruik met veel enthousiasme over. Het paste goed bij hun (ridderlijke) plicht om zorg te dragen voor de zwakkeren in de samenleving en natuurlijk bij de deugd van nederigheid. Daarnaast was er een sterk geloof dat de vorst door aanraking zieken kon genezen. De Franse historicus Marc Bloch schreef hier al in 1926 een baanbrekend boek over. Normaal gesproken werden de voeten van twaalf behoeftigen gewassen, analoog aan de twaalf apostelen. Het is een raadsel waarom Karel de Stoute hier dertien armen onder handen neemt. De twaalf apostelen plus Jezus Christus?

Het verstrekken van geldelijke geschenken aan armen op Witte Donderdag is overigens een traditie die tot op de dag van vandaag door het Engelse koningshuis wordt hoog gehouden. Het gebruik staat bekend als Royal Maundy. Ieder jaar kiest de Engelse vorst een kerk in het land waar een aantal oudere mannen en vrouwen, corresponderend met de leeftijd van de vorst, speciaal geslagen Maundy munten krijgen waarvan de waarde in pence (opnieuw) overeenkomt met de leeftijd van de vorstin. De hoge leeftijd van regerend vorstin Elizabeth levert dus extra vrijgevigheid op!

Advertenties